Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig? Zo bereken je het juiste aantal voor jouw verbruik

12.10.26
•
5 min.
Professional header image for educational tutorial: Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig? Zo bereken je het juis...

Steeds meer Nederlanders overwegen de overstap naar zonnepanelen, maar struikelen al vroeg over dezelfde vraag: hoeveel zonnepanelen heb ik nodig? Het antwoord is minder ingewikkeld dan je misschien denkt, maar het hangt af van meer dan alleen je dakoppervlak.

De sleutel ligt in je jaarlijkse stroomverbruik. Wie dat getal kent, kan stap voor stap berekenen hoeveel panelen hij of zij werkelijk nodig heeft. Een gemiddeld Nederlands huishouden verbruikt ongeveer 3.500 kWh per jaar en heeft daar doorgaans 8 tot 10 panelen voor nodig. Voeg je een thuisbatterij of laadpaal toe, dan verandert die berekening meteen.

In deze gids doorloop je het volledige rekenproces, van je eigen kWh-verbruik naar het optimale aantal panelen. Je ontdekt wat een systeem in 2026 kost, hoe een thuisbatterij of dynamisch tarief je berekening beïnvloedt, en wat de afschaffing van de salderingsregeling in 2027 voor jou betekent. Zo ga je goed voorbereid het gesprek aan met een installateur.

Hoeveel zonnepanelen heb je nodig? Het snelle antwoord

Een gemiddeld Nederlands huishouden verbruikt circa 3.500 kWh per jaar en heeft daarvoor 8 tot 10 zonnepanelen nodig. Dat is het korte antwoord voor de meest voorkomende situatie.

Hoe kom je op dat getal? Een modern zonnepaneel heeft een vermogen van ongeveer 400 Wp (wattpiek) en levert in Nederland gemiddeld 350 kWh per jaar op. De basisformule is eenvoudig:

Jaarverbruik (kWh) ÷ 350 kWh per paneel = benodigde aantal panelen

Voor een huishouden met 3.500 kWh jaarverbruik geeft dat: 3.500 ÷ 350 = 10 panelen.

Je jaarverbruik vind je op je energierekening of via je slimme meter. Dat getal is het enige betrouwbare startpunt voor een goede berekening. Dakoppervlak, de keuze van je buurman of een standaardpakket van een installateur zijn geen goede uitgangspunten.

Plan je een thuisbatterij of laadpaal? Reken dan op 20 tot 30% extra capaciteit bovenop dit basisaantal. Een elektrische auto die thuis wordt opgeladen voegt aanzienlijk extra verbruik toe aan je jaarprofiel. Voor hetzelfde huishouden van 3.500 kWh betekent dit 12 tot 13 panelen in plaats van 10.

Houd er ook rekening mee dat dakoppervlak, oriëntatie en schaduw het berekende aantal panelen in de praktijk kunnen beperken. Een zuidgericht dak zonder schaduw levert de hoogste opbrengst; een oost-west opstelling of schaduw van een dakkapel verlaagt de opbrengst meetbaar. Hoe je hiermee rekent, komt verderop in deze gids aan bod.

Twijfel je welk aantal het beste past bij jouw woning en verbruik? Op de pagina veelgestelde vragen over zonnepanelen van Advies in Duurzaamheid vind je aanvullende uitleg. In de volgende secties werken we de berekening stap voor stap verder uit, inclusief concrete rekenvoorbeelden en de invloed van de gemiddelde energieverbruikscijfers per huishoudtype.

Stap voor stap: van jaarverbruik naar het juiste aantal panelen

De basisformule is al besproken; hier werken we hem stap voor stap uit zodat je hem kunt toepassen op jouw eigen situatie.

Stap 1: bepaal je jaarverbruik

Je jaarverbruik in kWh vind je op de jaarafrekening of slimme meter (zie de introductie). Weet je het niet precies, raadpleeg dan je energievergelijker om een schatting te maken op basis van huishoudtype en woninggrootte.

Stap 2: bereken de opbrengst per paneel

Houd rekening met reële systeemverliezen door omvormerrendement, bedrading en temperatuur; de netto jaaropbrengst per paneel ligt iets lager dan het theoretische maximum. Voor een paneel van 400 Wp kom je daarmee uit op circa 350 kWh per jaar als praktische rekenwaarde.

Stap voor stap: van jaarverbruik naar het juiste aantal panelen

Stap 3: deel je jaarverbruik door de opbrengst per paneel

3.500 kWh ÷ 350 kWh = ca. 10 panelen

Gebruik je panelen met een ander vermogen, pas dan alleen het Wp-getal in stap 2 aan; de rest van de berekening blijft identiek.

Eigenverbruik en teruglevering

Een belangrijk nuancepunt: gemiddeld verbruik je slechts 30 tot 40% van de opgewekte stroom direct zelf. De overige 60 tot 70% gaat terug naar het net. Dat betekent niet dat je systeem te groot is; het betekent wel dat je de waarde van die teruggeleverde stroom niet gelijk mag stellen aan de waarde van zelf verbruikte stroom. Dit onderscheid wordt later in dit artikel nog belangrijker, met name door de aankomende veranderingen in de salderingsregeling.

Seizoensvariatie

Het systeem levert niet het hele jaar evenredig. In december komt slechts circa 2% van de jaaropbrengst binnen; in juni is dat circa 13%. Een systeem van 10 panelen dat op jaarbasis klopt, zal in de winter structureel tekortkomen en in de zomer structureel overschotten produceren. Houd hier rekening mee als je wil inschatten wanneer je echt zelfvoorzienend bent.

Rekenvoorbeelden: hoeveel panelen bij jouw verbruik?

Met de formule op zak kun je direct zien wat die berekening oplevert voor jouw situatie. Hieronder staan vier concrete scenario's.

Klein huishouden (1-2 personen): circa 2.500 kWh/jaar Een eenpersoonshuishouden of stel zonder grote elektrische verbruikers komt uit op roughly 7 tot 8 panelen van 400 Wp. Dat is een compact systeem dat op de meeste daken moeiteloos past.

Gemiddeld huishouden (3-4 personen): circa 3.500 kWh/jaar Dit is het meest voorkomende geval in Nederland. Volgens CBS-verbruiksdata ligt het gemiddelde elektriciteitsverbruik per woning rond de 2.500-2.800 kWh; huishoudens met meer apparatuur of thuiswerkers zitten hoger. Voor 3.500 kWh zijn 9 tot 10 panelen het uitgangspunt.

Groot huishouden of hoog verbruik (4+ personen of thuiswerken): circa 5.000 kWh/jaar Meer bewoners, een warmtepomp of intensief thuiswerken drijft het verbruik op. Bij 5.000 kWh zijn 13 tot 15 panelen nodig.

Met elektrisch rijden of laadpaal Reken voor EV-scenario's op het extra verbruik en voeg 20 tot 30% toe (zie de sectie over thuisbatterij en laadpaal verderop).

Overzichtstabel

Verbruik (kWh/jaar)

Benodigde panelen

Dakoppervlak

Systeemgrootte (kWp)

2.500

7-8

Vraag exacte maten op bij installateur

2,8-3,2

3.500

9-10

Vraag exacte maten op bij installateur

3,6-4,0

5.000

13-15

Vraag exacte maten op bij installateur

5,2-6,0

3.500 + laadpaal

12-13

Vraag exacte maten op bij installateur

4,8-5,2

Een paneel beslaat een paar vierkante meter; vraag de exacte maten op bij je installateur.

Belangrijke aanname: alle getallen gelden bij een zuidgericht dak met een hellingshoek van 30 tot 35 graden. Een oost-west opstelling levert minder op dan een zuidgerichte configuratie; de exacte beïnvloeding hangt af van hellingshoek en locatie, waardoor je meer panelen nodig hebt voor hetzelfde resultaat.

Wanneer je dak de beperkende factor is

De rekenvoorbeelden gaan uit van ideale omstandigheden. In de praktijk legt je dak soms grenzen op die de berekening bijsturen.

Dakoppervlak als startpunt

Een paneel beslaat een paar vierkante meter; vraag de exacte maten op bij je installateur. Trek daar de ruimte voor dakdoorbrekingen, ventilatieopeningen en veiligheidsmarges vanaf. Wat overblijft, bepaalt je maximale systeemgrootte.

Oriëntatie en opbrengstverschil

Oriëntatie-impact op de opbrengst is al beschreven in de rekenvoorbeelden hierboven. Een oost-west opstelling verdeelt de productie gelijkmatiger over de dag: meer opbrengst in de ochtend en avond, minder piek rond het middaguur. Dat kan voordelig zijn als je thuis bent buiten kantooruren en je eigenverbruik wilt verhogen.

Schaduw is een serieuze verliespost

Schaduw van een schoorsteen, dakkapel of overhangende boom treft niet alleen het getroffen paneel. Bij traditionele bedrading valt daardoor soms een volledige string weg, wat een disproportioneel groot opbrengstverlies veroorzaakt. Moderne omvormers met optimizers of micro-omvormers beperken dit effect per paneel, maar lossen het onderliggende schaduwprobleem niet op. Laat bij twijfel een schaduwanalyse uitvoeren voordat je een definitieve plaatsing vastlegt.

Minder panelen dan je verbruik vraagt

Staat je maximale panelenaantal lager dan je berekende behoefte? Dan is een thuisbatterij of dynamisch energietarief een logische aanvulling. Een batterij slaat overproductie overdag op voor gebruik in de avond, waardoor je uit een kleiner systeem meer eigenverbruik haalt. Een dynamisch tarief beloont slim verbruiksgedrag op momenten dat de zon schijnt. Beide opties komen verderop in deze gids aan bod.

Platte daken: meer vrijheid, hogere kosten

Op een plat dak kun je panelen op de optimale hoek plaatsen, ongeacht de dakrichting. Dat geeft installatieflexibiliteit, maar vereist ballast- of verankeringsconstructies. Die constructies brengen extra materiaal- en arbeidskosten met zich mee. Vraag bij een offerte altijd specifiek naar de constructiekosten voor een plat dak, zodat je een eerlijke vergelijking kunt maken.

Kosten zonnepanelen in 2026: wat betaal je per paneel en voor een volledig systeem?

Als je weet hoeveel panelen je dak aankan, is de volgende vraag wat dat kost. Hier is een praktisch overzicht voor 2026.

Wat kost een volledig systeem?

Een volledig geïnstalleerd systeem vraagt een aanzienlijke investering; haal minimaal drie offertes op voor een actueel prijsbeeld. Milieucentraal publiceert een onafhankelijk overzicht van kosten en opbrengst. Grotere systemen zijn doorgaans goedkoper per paneel omdat vaste installatiekosten worden uitgesmeerd over meer vermogen.

Btw op zonnepanelen

Op de levering en installatie van zonnepanelen op woningen geldt een verlaagd btw-tarief; check de actuele regeling via de Belastingdienst.

Terugverdientijd

De terugverdientijd varieert sterk per situatie; eigenverbruik, energieprijs en installatiekosten bepalen samen de uitkomst. De afschaffing van de salderingsregeling per 2027 kan de terugverdientijd voor systemen die veel terugleveren verlengen; hierover meer in een later onderdeel.

Paneelprijzen dalen, installatiekosten niet

De prijs van zonnepanelen zelf is de afgelopen jaren structureel gedaald door toegenomen productie wereldwijd. Installatiekosten, zoals arbeid, steigers en elektrotechnisch werk, zijn relatief stabiel gebleven. Dat betekent dat bij kleinere systemen de installatie een groter aandeel van de totaalprijs vormt.

Vergelijk offertes en let op garanties

Vraag minimaal drie offertes op en let naast de prijs ook op:

  • Productgarantie op de panelen: let op de product- en prestatiegarantie; marktstandaarden kunnen per fabrikant verschillen

  • Certificering van de installateur: een gecertificeerde partij biedt meer zekerheid over de installatie en de afhandeling bij garantiekwesties

Milieucentraal geeft een onafhankelijk overzicht van kosten en opbrengst van zonnepanelen.

Hoeveel kWh levert een zonnepaneel per dag op?

Nu je weet wat een systeem kost, is het ook nuttig om te begrijpen wat je er dagelijks van mag verwachten. De opbrengst varieert namelijk aanzienlijk door het jaar heen.

Een modern zonnepaneel van 400 Wp levert in Nederland gemiddeld circa 350 kWh per jaar op. Omgerekend is dat ongeveer 0,96 kWh per dag, maar dit gemiddelde maskeert een groot verschil tussen zomer en winter.

Seizoensverschil is groter dan je denkt

Op een goede zomerdag produceert één paneel een veelvoud van de winteropbrengst; de seizoensvariatie is aanzienlijk. Zoals eerder vermeld loopt het maandaandeel uiteen van circa 2% in december tot circa 13% in juni:

Maand

Aandeel jaaropbrengst (indicatief)

December

circa 2%

Januari / november

circa 3-4%

Maart / september

circa 7-8%

Juni

circa 13%

Dit betekent concreet: in de zomer levert je systeem meer dan je verbruikt en lever je veel terug aan het net. In de winter dekt het systeem nauwelijks je verbruik.

Waarom het daggemiddelde je op het verkeerde been kan zetten

Het daggemiddelde van 0,96 kWh is handig voor een snelle schatting van de jaaropbrengst, maar zegt weinig over hoe goed je systeem aansluit op je werkelijke verbruikspatroon. Een systeem dat in de zomer structureel veel teruglevert terwijl je in de winter volledig afhankelijk bent van het net, presteert anders dan een kleiner systeem dat het hele jaar in betere balans is.

Dit seizoenspatroon is precies de reden waarom een thuisbatterij voor veel huishoudens interessant kan zijn: overproductie in de zomer direct opslaan vergroot het eigenverbruik. In het volgende onderdeel bekijken we hoeveel extra panelen je daarvoor nodig hebt.

Thuisbatterij of laadpaal erbij? Reken op 20 tot 30% extra panelen

Thuisbatterij of laadpaal erbij? Reken op 20 tot 30% extra panelen

Seizoensvariatie bepaalt wanneer je stroom produceert, maar je totale verbruiksprofiel bepaalt hoeveel panelen je nodig hebt. Zodra je een elektrische auto of thuisbatterij toevoegt, verschuift die balans aanzienlijk.

Elektrisch rijden verhoogt je verbruik fors

Een elektrische auto die thuis wordt opgeladen voegt aanzienlijk extra verbruik toe aan je jaarprofiel. Het exacte getal hangt af van hoeveel je rijdt, het verbruik van het voertuig en hoe vaak je thuis laadt versus onderweg. Dit extra verbruik moet je meenemen in je paneelberekening, anders dek je met je systeem slechts een deel van je werkelijke behoefte.

Thuisbatterij: hogere eigenverbruiksgraad, maar ook extra laadvraag

Een thuisbatterij slaat overproductie overdag op voor gebruik in de avond en nacht. Dat verhoogt de eigenverbruiksgraad, die zonder batterij gemiddeld 30-40% bedraagt, aanzienlijk, afhankelijk van batterijcapaciteit en verbruikspatroon. Belangrijk om te weten: de batterij heeft zelf ook energie nodig om te laden, en er gaan altijd kleine verliezen gepaard met opslaan en teruggeven. Netto levert een batterij meer zelfvoorzienendheid op, maar het vergroot ook de vraag naar geproduceerde zonnestroom. Meer informatie over hoe een batterijsysteem technisch werkt, vind je in de veelgestelde vragen over een warmtebatterij.

De vuistregel: 20 tot 30% extra capaciteit

De praktische richtlijn is duidelijk: voeg 20 tot 30% extra panelen toe bovenop je basisaantal als je een thuisbatterij of laadpaal installeert of concreet plant. Voor een huishouden met 3.500 kWh basisverbruik betekent dit een systeem van 12 tot 14 panelen in plaats van 10.

Situatie

Basisverbruik

Panelen (basis)

Panelen (met extra)

Geen EV of batterij

3.500 kWh

10

10

Met laadpaal of batterij

3.500 kWh

10

12 tot 14

Met laadpaal plus batterij

3.500+ kWh

10+

14 tot 16

Financieel argument wordt sterker na 2027

Een thuisbatterij is financieel het meest interessant wanneer de salderingsregeling vervalt en teruglevering minder wordt vergoed. In dat geval wordt elk kWh dat je zelf verbruikt in plaats van teruglevert meer waard, omdat je anders een lagere terugleververgoeding ontvangt dan de prijs die je voor afgenomen stroom betaalt. Een goed gedimensioneerd systeem met batterij maakt je dan minder afhankelijk van wat het net je oplevert of vergoedt.

De combinatie van zonnepanelen, thuisbatterij en laadpaal vraagt om een berekening op maat. Advies in Duurzaamheid brengt de gecombineerde impact in kaart op basis van jouw specifieke verbruiksprofiel, woning en plannen.

Dynamisch tarief en eigenverbruik: hoe beïnvloedt dit het optimale aantal panelen?

Naast de keuze voor extra panelen bij een batterij of laadpaal, speelt ook je energiecontract een rol in hoe je systeem het best gedimensioneerd wordt.

Met een dynamisch energiecontract betaal je een uurprijs die meebeweegt met de groothandelsprijs op de energiemarkt. Dat verandert de rekensom voor zonnepanelen op een belangrijk punt: de waarde van zonne-energie zit niet meer alleen in de hoeveelheid die je opwekt, maar vooral in het moment waarop je die verbruikt.

Wanneer terugleveren weinig oplevert

Op zonnige middagen, precies wanneer veel zonnepanelen op volle kracht draaien, daalt de groothandelsprijs regelmatig naar nul of zelfs negatief. Terugleveren levert op die momenten weinig of niets op. Wie een groot systeem heeft dat op zulke pieken veel energie naar het net stuurt, profiteert minder dan gedacht.

Dit maakt oversizing van je panelensysteem minder aantrekkelijk bij een dynamisch tarief. Een kleiner, scherp gedimensioneerd systeem dat je productie zoveel mogelijk zelf verbruikt, past beter bij dit tarieftype.

Slimme sturing maakt het verschil

Een dynamisch tarief beloont actief energiebeheer. Concreet betekent dat: zet je vaatwasser of wasmachine aan als de zon schijnt, laad je thuisbatterij op tijdens goedkope uren en gebruik opgeslagen energie 's avonds als de prijs weer stijgt. Een energiemanagementsysteem automatiseert dit grotendeels.

Wie een dynamisch tarief combineert met een thuisbatterij en een laadpaal, heeft daardoor minder behoefte aan extra panelen dan wie zonder sturing werkt. De batterij compenseert het timing-probleem; het systeem hoeft minder groot te zijn om hetzelfde resultaat te bereiken.

Effect op de eigenverbruiksgraad

De eerder genoemde gemiddelde eigenverbruiksgraad van 30-40% stijgt met een goede combinatie van zonnepanelen, batterij en energiemanagement substantieel, al hangt het exacte resultaat sterk af van verbruiksprofiel en contractvorm. Dat hogere eigenverbruik verlaagt je energierekening structureler en verkort de terugverdientijd. Meer over de kosten, subsidie en terugverdientijd van energie-management lees je in ons overzicht.

Welk tarieftype het beste bij jouw situatie past, is maatwerk. Een onafhankelijk adviseur kan dit samen met jouw verbruiksprofiel en installatieplan doorrekenen.

Salderingsregeling vervalt in 2027: wat betekent dat voor jouw berekening?

De afschaffing van de salderingsregeling per 1 januari 2027 versterkt precies wat het vorige punt al aanstipte: oversizing van een zonnepanelensysteem wordt structureel minder aantrekkelijk.

Tot en met 31 december 2026 mag je teruggeleverde stroom volledig verrekenen met afgenomen stroom. Elke kWh die je teruglevert, telt even zwaar als een kWh die je van het net afneemt. Dat maakt een groter systeem met veel overproductie nu nog relatief gunstig.

Wat verandert er vanaf 2027?

Vanaf 2027 ontvang je voor teruggeleverde stroom een terugleververgoeding van je energieleverancier. Die vergoeding is wettelijk minimaal 50% van het kale leveringstarief (exclusief belastingen), maar dat ligt structureel lager dan de consumentenprijs die je voor afgenomen stroom betaalt. Een kWh zelf verbruiken levert je dus aanzienlijk meer op dan diezelfde kWh terugleveren.

Daar komt bij dat energiebedrijven al separate terugleverkosten mogen rekenen voor het verwerken van teruggeleverde stroom. Sommige doen dat nu al. Die kosten drukken de businesscase voor een oversized systeem verder.

Wat dit betekent voor de terugverdientijd

De onderstaande vergelijking geeft een indicatie van het effect. Aannames: illustratieve tarieven op basis van de wettelijke minimumvergoeding van 50% van het kale leveringstarief; werkelijke uitkomsten hangen af van uw contract.

Scenario

Systeem

Jaarlijkse besparing (schatting)

Terugverdientijd

Vóór 2027 (salderen)

15 panelen / 6 kWp

ca. €1.050

ca. 9 jaar

Na 2027 (terugleververgoeding)

15 panelen / 6 kWp

ca. €700

ca. 13 jaar

Na 2027 (eigenverbruik centraal)

10 panelen / 4 kWp

ca. €550

ca. 9 jaar

Dit zijn rekenkundige indicaties. Werkelijke uitkomsten hangen af van energieprijzen, eigenverbruik en installatiekosten.

Het kleinere systeem met hoog eigenverbruik heeft na 2027 een vergelijkbare terugverdientijd als het grote systeem vóór 2027. Oversizing levert relatief steeds minder op.

De toekomstbestendige aanpak

Koop je nu zonnepanelen, dimensioneer het systeem dan primair op je eigen jaarverbruik, niet op maximale teruglevering. Dat is de strategie die zowel nu als na 2027 standhoudt.

Conclusie: zo bepaal je het juiste aantal zonnepanelen voor jouw situatie

De keuze voor het juiste aantal zonnepanelen begint bij één getal: je jaarverbruik in kWh. Niet het dakoppervlak, niet wat de buren hebben geïnstalleerd, maar jouw eigen verbruik is de enige betrouwbare basis voor een goede berekening.

De rekenformule en uitbreidingsregel zijn hierboven uitgewerkt; de conclusie vat de strategie samen: dimensioneer op wat je zelf verbruikt, stuur op eigenverbruik en houd rekening met de veranderingen die vanaf 2027 gelden.

Houd daarbij rekening met de veranderingen die vanaf 2027 gelden. Met het vervallen van de salderingsregeling wordt het financieel minder aantrekkelijk om veel stroom terug te leveren aan het net. Maximaal eigenverbruik is het leidende principe voor een toekomstbestendig systeem. Dimensioneer dus op wat je zelf verbruikt, niet op maximale teruglevering.

Samengevat:

  • Basis: jaarverbruik (kWh) ÷ 350 = benodigde panelen

  • Met batterij of laadpaal: tel 20 tot 30% op bij het basisaantal

  • Strategie: stuur op eigenverbruik, niet op overproductie

Twijfel je over de juiste systeemgrootte voor jouw woning en verbruiksprofiel? Advies in Duurzaamheid helpt je als onafhankelijke partij bij het doorrekenen van jouw specifieke situatie, inclusief de impact van een batterij, laadpaal of dynamisch tarief. Waar gewenst koppelen we je aan een geschikte installateur uit ons netwerk, zonder commercieel belang bij een bepaald merk of systeem.

Frequently Asked Questions

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig voor een gemiddeld Nederlands huishouden?

Een gemiddeld Nederlands huishouden verbruikt circa 3.500 kWh per jaar en heeft daarvoor doorgaans 8 tot 10 zonnepanelen nodig. Dit is gebaseerd op de basisformule: jaarverbruik (kWh) ÷ 350 kWh per paneel = benodigde aantal panelen. Een modern zonnepaneel van 400 Wp levert in Nederland gemiddeld 350 kWh per jaar op.

Wat verandert er aan de berekening als ik een elektrische auto of thuisbatterij wil installeren?

Als je een thuisbatterij of laadpaal toevoegt, moet je rekening houden met 20 tot 30% extra capaciteit bovenop je basisaantal panelen. Een elektrische auto die thuis wordt opgeladen voegt aanzienlijk extra verbruik toe aan je jaarprofiel. Voor een huishouden met 3.500 kWh betekent dit 12 tot 14 panelen in plaats van 10.

Wat zijn de gevolgen van de afschaffing van de salderingsregeling in 2027 voor mijn zonnepanelensysteem?

Vanaf 2027 ontvang je voor teruggeleverde stroom slechts 50% van het leveringstarief, in plaats van volledige verrekening zoals nu. Dit maakt oversizing van je systeem minder aantrekkelijk. Een kleiner systeem dat gericht is op maximaal eigenverbruik krijgt dan een betere terugverdientijd dan een groot systeem met veel teruglevering.

Hoe groot is het verschil tussen zomer- en winteropbrengst van zonnepanelen?

Het seizoensverschil is aanzienlijk. In december levert een zonnepaneel circa 2% van de jaaropbrengst, terwijl het in juni rond de 13% is. Dit betekent dat je systeem in de zomer structureel veel teruglevert aan het net, terwijl je in de winter volledig afhankelijk bent van het net. Dit patroon is precies de reden waarom een thuisbatterij voor veel huishoudens interessant kan zijn.

Welke factoren kunnen mijn berekende aantal panelen in de praktijk aanpassen?

Dakoppervlak, oriëntatie en schaduw zijn de belangrijkste beperkende factoren. Een zuidgericht dak zonder schaduw levert de hoogste opbrengst; een oost-west opstelling of schaduw van dakkapellen verlaagt de opbrengst meetbaar. Schaduw is bijzonder problematisch omdat het niet alleen het getroffen paneel treft, maar hele strings kan uitschakelen. Laat altijd een schaduwanalyse uitvoeren voordat je een definitieve plaatsing vastlegt.

Deel deze post